Aulonocara gertrudae mannetje

Aulonocara gertrudae

Verspreiding: Komt voor ten zuiden van de Nsinje rivier, Makanjilla en fort Maguire.

Maximale lengte mannetje: Deze wordt ongeveer 14 cm (in het aquarium ongeveer 16 cm)
Maximale lengte vrouwtje :
Deze wordt ongeveer 12 cm (in het aquarium ongeveer 14 cm)

Leefomgeving in het meer: Komt voor boven zanderige bodems op 10 tot 30 meter diepte.

Voedsel in het meer: Leeft van kleine diertjes die in het zand of sediment leven.
Voedsel in het aquarium:
Mysis, artemia, krill, insecten, cichlidenmix en vele soorten droogvoer.

Broedgedrag: de mannetjes kunnen in het aquarium een kleine kuil maken waarin gepaard kan worden. Is er genoeg ruimte tussen de stenen dan kunnen ze het daar ook doen.

Aquarium en inrichting: Zorg voor genoeg schuilplaatsen doormiddel van bijvoorbeeld planten of stenen. Het aquarium moet minimaal een inhoud hebben van 200 liter.

Gedrag in het aquarium: De A. chitande types zijn zachtaardige cichliden die niet van al te agressieve medebewoners houdt. Dus ze kunnen het beste gehouden worden met kleine lethrinops soorten, Copadichromis soorten, rustige Haplochromis soorten zoals Otopharynx en Placidochromis soorten. Ook kunnen ze nog wel met andere aulonocara soorten gehouden worden zoals de A. jacobfreibergi, A. chitande types en de A. stuartgranti types. Samen houden met zachtaardige Mbuna’s is ook mogelijk. Ze kunnen soms een beetje schuw zijn.

Kweek: In het aquarium zelf gaat het soms niet al te makkelijk omdat het mannetje soms de kans niet krijgt om tijdelijk een plekje te beschermen om te paren. Het vrouwtje moet 2 weken na het paren apart gezet worden in een quarantaine aquarium van 40 tot 50 liter waarna ze na ongeveer een week de jongen los zal laten. Het vrouwtje kan na een dag wat bij gevoerd te zijn wel weer terug in het eigenlijke aquarium gezet worden. De jongen kunnen direct gevoerd worden met net uitgekomen artemia of fijn gemalen vlokken of granulaat. Later kan men overstappen op artemia, cyclops, kleine vlokken en granulaat. Als ze nog groter worden kan ook mysis en fijne garnalenmix worden gevoerd.

Voor het opzetten van een speciaal kweek aquarium heeft men ongeveer een bak nodig van 100 tot 200 liter waar 1 mannetje met 2 tot 4 vrouwen in geplaatst kan worden. Bodem het liefst van zand. Zorg voor vele schuilgelegenheden voor de vrouwtjes met bijvoorbeeld stenen, pvc buizen of bloempotten. De temperatuur kan tussen de 26-27 C° liggen. Wil je dat er wat minder vaak jongen komen, zet dan de temperatuur even op 24 of 25 C°. Bij deze temperatuur gaan ze veel minder door met voortplanten. Wil je het tempo weer wat hoger hebben dan doe je de temperatuur weer omhoog.

 Tekst © Herman Prosje, AquaMalawi.com

 

[AquaMalawi] [mijn-cichliden] [Cichliden Atlas] [Fotos Gezocht] [register] [mijn-aquarium] [meer-aquaria] [filter-techniek] [Verlichting] [aquariumwater] [Onderhoud] [Algen] [voeding] [vis-ziektes] [Adverteren] [Forum] [contact] [Nieuwsbrief] [links] [Zoeken] [Copyright]